Waardering
- Wat is mijn onderneming waard?
- Waarom komt een multiple anders uit dan een DCF?
- Wat houd ík er aan over, na de schuld?
- Waarop is dat getal gebaseerd?
Twee wegen naar één getal, en een brug erna.
Een waardering begint bij wat de onderneming structureel verdient en eindigt bij wat er voor de aandeelhouder overblijft. Daartussen zit meer dan de meeste gesprekken aan tafel suggereren.
Ik wil elk van die stappen kunnen aanwijzen. Niet omdat het getal dan zeker is — dat wordt het nooit — maar omdat ik wil weten welke aanname het draagt.
Wat verdient deze onderneming echt?
De genormaliseerde EBITDA.
De gerapporteerde EBITDA is niet wat een koper structureel mag verwachten. Daar gaan correcties overheen: een marktconform DGA-loon in plaats van het loon dat ik mezelf uitkeer, marktconforme huur als ik van mezelf huur, eenmalige posten eruit, privé eruit, en transacties met verbonden partijen tegen normale voorwaarden.
Elke correctie vraagt een toelichting. Niet omdat dat netjes staat, maar omdat dit de post is waar een koper als eerste naar kijkt en waar een gesprek als eerste vastloopt.
Multiple of DCF?
Ze beantwoorden een andere vraag.
| Weg | De berekening | Wat hij veronderstelt |
|---|---|---|
| Multiple | Een factor maal de EBITDA, minus de nettoschuld. | Dat mijn onderneming lijkt op de ondernemingen waaruit die factor komt. |
| DCF | De toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen een vermogenskostenvoet. | Dat ik die kasstromen kan onderbouwen, en die voet ook. |
Een multiple is snel en leent zijn gezag van de markt. Een DCF is traag en leent zijn gezag van mijn eigen plan. Lopen ze ver uiteen, dan is dat geen fout maar informatie: het verschil zit in een aanname die ik kan aanwijzen.
In Valuation en op het dashboard staat geen standaardmultiple: wie niets invult, krijgt geen waarde. De opbouw van de vermogenskostenvoet begint daar ook leeg en blijft leeg. In Vergelijken, waar scenario’s naast elkaar gaan, start de DCF wél met aannames uit het werkboek — anders valt er niets te vergelijken.
Wat houd ik er zelf aan over?
Ondernemingswaarde is niet aandelenwaarde.
De ondernemingswaarde is de waarde vóór financiering. Wat de aandeelhouder overhoudt is iets anders, en het verschil is zelden klein. Daartussen ligt een waterval: de schuld eraf, posten die zich als schuld gedragen eraf, de kas erbij, kasachtige posten erbij, overtollige activa erbij, en daarna de kortingen en het belang dat ik werkelijk houd.
Dit is de stap die in gesprekken het vaakst wordt overgeslagen. Iemand noemt een bedrag, en beide partijen denken aan een ander getal.
En alles na het laatste prognosejaar?
De eindwaarde, op drie manieren.
In een DCF zit het grootste deel van de waarde meestal ná de periode die ik heb doorgerekend. Dat stuk heet de eindwaarde, en één methode ervoor is te weinig. Algodyn rekent hem op drie manieren — eeuwigdurende groei, RONIC en een exitmultiple — en neemt het gemiddelde.
Liggen die drie ver uit elkaar, dan weet ik dat de waardering vooral op de staart rust en niet op mijn plan. Dat is precies het moment om terug te gaan naar de aannames.
Wat kan dit niet?
Waar het ophoudt.
- Of het een oordeel is of een uitkomst, bepaalt mijn invoer. Ontbreekt er een schakel — een kostenvoet zonder onderbouwde componenten, een eindwaarde die niet als stabiele toestand geldt — dan zet Algodyn er “rekenkundige uitkomst” boven, met de reden erbij. Sluit de keten, dan heet het een waarderingsoordeel. Tekenen doet het product in geen van beide gevallen; dat doet een register valuator.
- Zonder invoer geen waarde. Geen standaardmultiple, geen ingevulde vermogenskostenvoet. Wie niets invult, krijgt geen getal — en dat is met opzet: een discontovoet die de tool zelf verzint, is precies het getal waar de hele waardering op rust.
- Vaak staat er geen sectorband. Algodyn heeft een register met EV/EBITDA-banden, met bron en peildatum erbij, maar voor een Nederlandse onderneming is er meestal niets in te vinden. Op het scherm staat dan dat er geen sectorband is om tegen te leggen. De multiple komt in dat geval van mij.
- Het is geen fairness opinion en geen fiscale waardering. Voor een geschil, een aandelenoverdracht binnen de familie of de Belastingdienst gelden andere eisen.